| |
Gezinstrauma
en seksueel misbruik
Veel mensen maken in hun leven eén of meerdere
crisissen van korte of langere duur door. Over het algemeen
verwachten mensen geen verlammende angsten of intens verdriet
te ervaren, toch overkomt dit de meeste mensen. Onverwerkte
herinneringen uit de jeugd, die gaan opspelen, zijn hiervoor
een belangrijke reden. Net zoals de fysieke gezondheid
is de psychische gezondheid een voorwaarde om te kunnen
leven. Vaak realiseert iemand zich pas hoe cruciaal de
psychische gezondheid is als deze wegvalt. Iemand kan
zich gedurende een langere tijd intens ellendig en wanhopig
voelen, en dit kan overkomen alsof het nooit anders en
beter is geweest en het nooit anders zal worden. De kennis
dat de meeste mensen in hun leven eén of meerdere
van deze perioden door zullen maken, zal op zo'n moment
nauwelijks als steun ervaren worden. Soms is het zo dat
de veroorzakende traumatische periode of episode al lang
ver achter iemand ligt. Iemand kan gruwelijke en/of pijnlijke
ervaringen in de vroege jeugd of later in het leven hebben
meegemaakt. Door een mogelijke trigger, of gewoon spontaan,
kunnen deze herinneringen plotseling terug komen, en zich
uiten in een deken van somberheid of juist heftige angsten.
Die
gevoelens lijken misschien moeilijk te plaatsen. Toch
weet men dat ervaringen en gevoelens met gebeurtenissen
uit de jeugd te maken hebben. Diepe angsten of fysieke
onrust, ervaringen van intense machteloosheid of van wanhoop
kunnen meer en meer de overhand nemen en het dagelijkse
leven kleuren op een manier zodat alles vastloopt. Zelfvertrouwen
en waardering kunnen eveneens ernstig vervormd raken en
mede ertoe leiden dat de verlamming groter wordt.
Een voorbeeld van trauma uit de jeugd is seksueel misbruik.
Judith Lewis Herman (1981) schrijft daarover "dat
voor ieder kind het hebben van seksueel contact met een
volwassene, speciaal wanneer het een "betrouwbaar"
familielid betreft, een significant trauma is, welke langdurig
en schadelijke effecten veroorzaakt.", p.33.
Seksueel
misbruik
Nog niet zolang geleden werd seksueel misbruik in het gezin
verzwegen en ontkend. Het was een groot taboe. Dat vrouwen
daaronder enorm leden, allerlei klachten vertoonden en slecht
functioneerden was de prijs die zij betaalden. Echter al in
1896 schrijft Sigmund Freud in zijn werk "The Aetiology
of Hysteria and Studies on Hysteria" dat hij het mysterie
van de hysterie opgelost had. Als oorzaak van de hysterische
klachten die Freud bij veel van zijn vrouwelijke patiënten
aantrof, lag seksueel misbruik. Vele vrouwen die bij Freud
in behandeling waren voor hysterische symptomen, nu somatoforme
symptomen genoemd, meldden misbruikt te zijn door hun vader.
Dit was schokkend voor Freuds levensbeeld en deze ontdekking
zat Freud niet lekker gezien de implicaties die het zou hebben
voor het patriarchale gezin. Freud weigerde vaders publiekelijk
als agressor te identificeren. Bovendien had hij moeite om
te geloven dat seksueel misbruik zo veelvuldig voorkwam. "It
was hardly credible that perverted acts by the father against
children were so general". Hij komt tot de conclusie
dat de verhalen van zijn patiënten over seksueel misbruik
gebaseerd moesten zijn op fantasieën en incestueuze wensen
van het kind. Freud schrijft: "Almost all of my woman
patients told me that they had been seduced by their father.
I was driven to recognize that these reports were untrue and
came to understand that the hysterical symptoms are derived
from phantasies and not from real occurrences". Een gevolg
hiervan was dat decennialang ontkend zou worden wat er werkelijk
gebeurde, namelijk het wijdverbreide seksuele misbruik van
kinderen door de vader of een ander gezinslid. Het duurt nog
vele jaren voordat de wereld het taboe over incest zal doorbreken
en erkent dat kinderen meestal niet liegen en fantaseren over
seksuele ervaringen met de vader of oom, maar dat dit gruwelijke,
veelvoorkomende, waarheden zijn met mogelijke intense gevolgen
voor het slachtoffer. Hermann (1981) meldt zelfs dat een vijfde
tot een derde van alle vrouwen een vorm van ongewenst seksueel
contact in hun kindertijd meemaken, bovendien dat 1 op de
100 vrouwen rapporteerde dat zij seksuele ervaringen met hun
vader hadden gehad. Seksueel misbruik treft kinderen van alle
leeftijden. Uit een onderzoek van Faller (1989) was meer dan
de helft van de kinderen jonger dan 6 jaar. Bovendien kan
incest in ieder type gezin voorkomen. Het incest gezin kan
evengoed een goed aangepast en goed functionerend gezin zijn
als een slecht functionerend gezin.
Uit een onderzoek van Mannerino en Cohen ( 1986) bleek dat
38% van het misbruik gepleegd werd door een vaderfiguur, de
rest door een bekende van het gezin. Geschatte verhoudingen
meisjes - jongens zijn rond de 87 % meisjes, tegenover 13
% jongens, maar het kan zijn dat het aantal misbruikte jongens
ondergerapporteerd is.
Gevolgen
seksueel misbruik
Het is heel moeilijk om te zeggen wat de individuele gevolgen
zijn van misbruik. Er zijn vele variabelen die hun uitwerking
hebben op het welzijn. Deze variabelen hebben te maken met
hoe het kind eraan toe was voordat ze misbruikt werd, hoe
oud ze was, hoe de band was met anderen bijvoorbeeld de moeder,
hoe vaak, ernstig en intens het misbruik was en hoe lang dat
heeft geduurd. Men kan wel zeggen dat hoe jonger iemand was
toen het begon, hoe langer het heeft geduurd, en hoe hardvochtiger
het misbruik, des te groter is de kans dat iemand daar later
ernstige last van. De gevolgen kunnen iemands leven behoorlijk
ontwrichten. Het ervaren van herbelevingen en vermijdingsgedrag
zijn veel voorkomende kenmerken van onverwerkt trauma. Maar
ook andere gevolgen kunnen ontstaan na langdurig misbruik.
Wanneer iemand bij voorbeeld in de jeugd geen veiligheid ondervond
en aldoor op haar/zijn qui vive moest zijn, kan deze persoon
op volwassen leeftijd nog steeds "arousal" kenmerken
bezitten: men is aldoor op haar/zijn hoede, schrikt gemakkelijk,
slaapt onrustig en voelt zich niet (gauw) veilig. Hermann
(1992, p. 108) schrijft hierover: "Normal biological
cycles of sleep and wakefulness, feeding, and elimination
may be chaotically disrupted or minutely overcontrolled. Bedtime
may be a time of hightened terror rather then a time of comfort
and mealtimes might be times of extreme tension.".
Ook het emotionele leven kan in de war gebracht zijn. Een
staat van "dysphoria", namelijk verwarring, agitatie,
leegte, en eenzaamheidsgevoelens, kunnen het slachtoffer in
haar/zijn greep houden. Naast deze "dysphoria" kan
men leiden aan heftige angsten en depressie, zelfs soms pieken
in paniekaanvallen, woede en wanhoop.
Ook verijzen, als ijs zijn, geen gevoel meer hebben, dissociëren
van wat er is gebeurd, hetgeen in de jeugd een relatief goede
bescherming was om te overleven, kan ongewild in de volwassenheid
verder ingezet worden. Deze depersonalisatie, derealisatie
en anesthesie kunnen door een trigger van buitenaf opgeroepen
worden en het contact met het zelf of de omgeving bevreemden.
Dit gevoel om buiten jezelf te staan, om niet te voelen, of
later juist extreem veel te voelen kan het slachtoffer proberen
op te heffen door zichzelf te verminken of door andere zelfdestructieve
activiteiten te ontplooien.
Tenslotte blijkt uit onderzoek dat veel slachtoffers van incest
met negatieve oordelen kampen. Zowel naar zichzelf toe als
naar de wereld in de vorm van weinig positief over zichzelf
kunnen denken en moeilijk kunnen vertrouwen. Hoe kan het ook
anders wanneer juist degenen die haar/hem hadden moeten beschermen,
de ouders of andere volwassen, het niet goed met haar/hem
hebben voor gehad en het slachtoffer hebben beschadigd.
Fysiek
en mentaal geweld
Chronische onveiligheid door herhaaldelijk fysiek en/of psychisch
geweld in het kerngezin creëert bij het kind enorme angsten
en machteloosheid en later eventueel depressie en woede. In
zo'n gezin worden de normaalste verzorgingstaken gecorrumpeerd.
Het gezin leeft in een klimaat van terreur. Het onvoorspelbare
en constant aanwezige gevaar leidt ertoe dat het kind niet
ontspannen kan, en niet als kind kan leven en genieten. Zij/hij
doet vaak al het mogelijke om de dreiging te controleren en
uit de weg te gaan en ontwikkelt gevoelige sensoren om zo
goed mogelijk gevaar in te schatten. Het gevolg hiervan is
dat deze kinderen constant op hun hoede en alert moeten zijn.
Regelmatig zijn regels oneerlijk, inconsistent en veranderlijk.
Het "thuis" was niet veilig en verstoppen of onopvallend
gedragen was hun enige optie. Ofschoon deze kinderen doorlopend
bezig zijn op te letten en gevaar in te schatten, moeten ze
gelijktijdig stil zijn en niet de aandacht trekken, ook wel
"frozen watchfulness" genoemd (Hermann, 1992). Gevolgen
van dit misbruik kunnen lijken op die van seksueel misbruik.
Het is treurig dat vele overlevenden van fysiek geweld op
volwassen leeftijd een gewelddadige partner uitkiezen of juist
zelf gewelddadige kanten ontwikkelen.
Niet
alleen incest en fysiek geweld kunnen leiden tot klachten
op latere leeftijd. Ook affectieve verwaarlozing en de zogenaamde
kleine "t" trauma's in de vorm van verbale vernedering
en/of geweld kunnen hun littekens achterlaten. Een moeder
die bijvoorbeeld haar eigen gevoelens van waardeloosheid projecteert
op haar kind ("Jij kan zoiets niet!!"), richt gewild
of ongewild veel schade aan en dit kan het gevolg hebben dat
dit kind zelf ook met waardeloosheidsgevoelens komt te zitten.
Vele jaren later, als het kind reeds lang volwassen geworden
is en mogelijk zelf moeder of vader, kunnen ook bij haar/hem
gevoelens van waardeloosheid haar/zijn functioneren gaan ontwrichten
en verlammen.
Kind
als ouder, ouder als kind
Ook gezinnen waarbij het kind als ouder werd behandeld kan
bij het kind leiden tot een verscheidenheid aan klachten wanneer
het kind volwassen is geworden. Juist bij deze volwassene
is het heel moeilijk de vinger "er precies op te leggen"
wat nu eigenlijk het rotgevoel veroorzaakt. Er zijn geen duidelijk
aanwijsbare oorzaken waarom deze volwassene met klachten worstelt.
Vaak weten deze volwassen wel dat het met de jeugd te maken
heeft, maar is het moeilijk om in eerste instantie helder
te krijgen wat precies het "onwelbevinden" heeft
veroorzaakt. Het gezin van herkomst lijkt misschien wel voor
de buitenwereld een goed functionerend gezin. Bij doorvragen
blijkt dat er echter een rolverwarring heeft plaatsgevonden
in de jeugd van dit kind. De ouder is niet in staat geweest
om aan de behoeften van dit kind tegemoet te komen. In tegenstelling,
de ouder had zelf behoeften en gebruikte het kind om deze
behoeften te bevredigen. Het kind kreeg mogelijk boodschappen
van de ouder om op de ouder te letten en de ouder te helpen.
Als het kind hieraan niet voldeed dan kroop de ouder in de
slachtoffer rol, of werd de ouder overkritisch. Er werd niet
onvoorwaardelijk om dit kind gegeven en het kind werd niet
emotioneel/psychisch verzorgd, er werd niet (genoeg) geluisterd
naar de behoeften van dit kind. De ouder was emotioneel en
psychologisch afwezig, de functie van het kind was juist om
aandacht, zorg en bewondering aan de ouder te geven.
Deze kinderen weten vaak niet anders en gaan in hun volwassenheid
ermee door om op anderen te letten en voor anderen te zorgen
en schaden daarmee hun eigen belangen. Uiteindelijk nemen
gevoelens van leegte, somberheid, gevoel van geëxploiteerd
of gemanipuleerd te worden het over. Mogelijk andere reacties
zijn over-emotioneel reageren, buitenproportioneel verzet
en rebellie naar de ouder of partner, overkritisch zijn naar
anderen, naar het zelf of heftig op kritiek reagerend.
Is
hulp altijd nodig of bij wie is dit nodig
Is het nu altijd zo dat trauma's in het gezin moeten leiden
tot slecht functionerende volwassenen? Nou nee helemaal niet.
Sterker nog, de meeste mensen zijn gedurende een groot deel
van hun leven in staat redelijk goed tot goed te functioneren.
Het is juist zo indrukwekkend dat vele kinderen toch een weg
vinden om te overleven, toch een manier vinden om met hele
nare omstandigheden en /of trauma 's om te gaan. Vaak moeten
zij daar echter wel een prijs voor betalen als zij ouder zijn,
in de vorm van negatieve zelfwaarderingen en/of crisissen
die zich op een bepaalde periode in hun leven voordoen. Er
zijn dan triggers te vinden die de weggestopte traumatische
ervaringen weer leven inblazen en het systeem kwetsbaar maken.
Ook kan het zijn dat iemand onbewust zijn/haar trauma's herhaalt
en zelfs doorgeeft aan volgende generaties door zijn/haar
kinderen te traumatiseren.
Als
iemand goed functioneert en zich fijn voelt is behandeling
niet nodig. Het kan echter zijn dat dit verandert, dat iemand
zich, door wat dan ook, slechter gaat voelen, dat hij of zij
herbelevingen gaat krijgen, of dat iemand het werk niet meer
aan kan, doordat er bijvoorbeeld een persoon rondloopt op
wie hij/zij heel sterk reageert, of omdat iemand zich ontzettend
rot begint te voelen, schrikreacties ervaart, nachtmerries
heeft of triggers begint te vermijden. Dit kunnen aanleidingen
zijn om wel hulp te gaan zoeken.
Wat
voor behandeling helpt bij traumaverwerking
Belangrijk is dat je je goed voelt bij de therapeut, dat het
klikt, dat je vooruit gaat en dat je altijd weg kan gaan als
je niet meer wilt, het niet klikt of je niet vooruit gaat.
Kies iemand uit die ervaring heeft met complexe trauma verwerking.
Er bestaan verschillende methoden om trauma klachten te behandelen.
Vroeger werden trauma's veelal, als ze al behandeld werden,
met een vorm van gedragstherapie, namelijk confrontatie, behandeld.
Tegenwoordig zijn er meerdere specifieke traumabehandelingsmethoden
ontwikkeld waarvan sommige uitgebreid getest zijn door middel
van gecontroleerd onderzoek en anderen minder of helemaal
niet. De methode die op dit moment de beste resultaten boekt
bij enkelvoudige trauma is EMDR.
|
|